De hel van het Oudfranse werkwoord

Wie Frans heeft geleerd, denkt misschien niet met de fijnste gevoelens terug aan de ingewikkelde werkwoordsvervoeging. Franse werkwoorden hebben een groot aantal verschillende vormen en er zijn ook nog eens heel wat werkwoorden met een onregelmatige tegenwoordige tijd. Denk aan vouloir ‘willen’ met je veux, venir ‘komen’ met je viens, en devoir ‘moeten’ met je dois.

Gelukkig is het merendeel van de Franse werkwoorden regelmatig. De grootste groep regelmatige werkwoorden gaat uit op -er. Voorbeelden zijn aimer ‘houden van’, laver ‘wassen’, aider ‘helpen’ en parler ‘praten’. Ken je er één, dan ken je ze allemaal.

Het is wat dat betreft maar goed dat we in de eenentwintigste eeuw Frans leren en niet in de twaalfde. Het Oudfranse systeem van toen zou voor ons namelijk een hel1 geweest zijn: die groep werkwoorden op -er, die nu zo fijn is, had meer dan tien verschillende subgroepen – naast een stel onregelmatige gevallen.

Neem aimer, laver, aider en parler: met alle vier was wel iets aan de hand. Nous aimons? Nee, nous amons. Niet il se lave maar il se leve. J’aide en je parle waren j’aiu en je parole.

In het Latijn liep geen een van die werkwoorden nog uit de pas, maar in het Oudfrans waren ze elk hun eigen weg gegaan. Hoe was dat zo gekomen? En hoe kan het dat er nu niets meer over is van hun onregelmatigheden? Het antwoord op die vragen zullen we vinden bij de eeuwige tweestrijd in de taalverandering: de strijd tussen klankverandering en nivellering.

Noot vooraf | Het Oudfrans bestaat niet
In dit artikel spreek ik over het Oudfrans, maar bedenk dat ik daarmee een versimpelde voorstelling van een ingewikkelde werkelijkheid geef. Het Oudfrans is een hedendaagse naam voor een verzameling dialecten in het Noord-Frankrijk en Wallonië van nu. Ze verschilden van regio tot regio en van tijd tot tijd. De vormen die ik in dit artikel bespreek, zijn een selectie uit de grote variatie.

Het Latijn: regelmaat

Het Latijnse werkwoord had veel verschillende vormen, maar er waren nauwelijks onregelmatigheden. Drie regelmatige modelwerkwoorden zullen we eens van dichtbij bekijken. We houden het in dit artikel bij de tegenwoordige tijd, want die wordt later al spannend genoeg.

Hieronder vind je de vormen van de drie werkwoorden. Let alleen op het volgende: de klemtoon wisselt. Dat zie je aan de onderstrepingen. In de omkaderde vormen ligt de klemtoon op een andere lettergreep dan in de rest.

Onder de afbeelding vind je een audio waarin je het verschil hoort.

Het gaat te ver om hier het systeem achter de Latijnse klemtoon te bespreken. Wat voor nu van belang is, is dat de klemtoonwissel geheel regelmatig was.

Onregelmatigheden op komst

De regelmaat van het Latijnse systeem was geen lang leven beschoren. In het Proto-Romaans, de spreektaal die aan de basis lag van de Romaanse talen, kwam namelijk een klankverandering om de hoek kijken die later in onder andere het Italiaans, Spaans en Frans roet het eten zou gooien.

Het volgende gebeurde: in beklemtoonde lettergrepen kregen de korte e en o een andere klank dan in onbeklemtoonde. De beklemtoonde e van venit ging dus verschillen van de onbeklemtoonde van vemus, en de o van movet van die van momus.

Op den duur werden de beklemtoonde korte e en o onder bepaalde voorwaarden zelfs een tweeklank. Daardoor kregen werkwoorden als venīre en movēre een speciaal patroon: lag de klemtoon op de stam, dan klonk er een tweeklank; lag hij op de uitgang, dan bleef de klinker. Werkwoorden met andere klinkers dan een korte e en o bleven sowieso intact.

Spaans en Italiaans

In het Spaans en Ouditaliaans hadden zich onderstaande rijtjes uit die van het Latijn ontwikkeld. Let op de wisseling tussen de beklemtoonde tweeklanken (blauw) en de onbeklemtoonde klinkers (oranje). (Er zijn een paar afwijkingen, maar die waren veroorzaakt door de medeklinkers die volgden.) In het werkwoord amar(e) bleef de a overal een a.

Onder de afbeelding kun je weer terecht voor audio.

Spaans: een grote club
Het Spaans heeft deze wisseling tot op de dag van vandaag in tal van werkwoorden. Het patroon is zo frequent dat er niet over onregelmatige werkwoorden wordt gesproken: er zijn gewoon werkwoorden met en zonder klinkerwisseling.

Van iets wat begon als onregelmatigheid door een klankverandering, heeft het Spaans een systeem gemaakt. Er zijn zelfs werkwoorden die de wisseling historisch gezien helemaal niet hadden moeten hebben, maar die zich toch bij de club hebben aangesloten.

In het Italiaans ging het anders…

Italiaans: restjes
Het Ouditaliaans had nog best wat werkwoorden met klinkerwisseling. Sommige wisselen nog steeds, zoals venire ‘komen’ en muovere ‘bewegen’ uit het schema, maar door de eeuwen heen hebben de meeste hun wisseling overboord gegooid. Daarbij is ofwel de klinkerstam bewaard gebleven ofwel de tweeklankstam. Zo’n verandering noemen we nivellering: één vorm krijgt de overhand.

Chiedere ‘vragen’ (uitgesproken als /kjèèdéré/) heeft nu bijvoorbeeld in alle vormen ie. Waar het in het Ouditaliaans chiedo ‘ik vraag’ vs. chedete ‘jullie vragen’ was, is het nu chiedo vs. chiedete. Andersom is het gegaan bij provare ‘proberen (o.a.)’: vroeger was het pruovo vs. provate, maar nu provo vs. provate. Vergelijk de Spaanse evenknieën quiero vs. queréis en pruebo vs. probaís.

Frans

Het is tijd om naar het Frans te gaan. Toen het Proto-Romaans in het Oudfrans veranderde, gebeurde hetzelfde als in het Spaans en het Italiaans: in beklemtoonde lettergrepen werden de korte e en o in principe een tweeklank.

Daar hield het alleen niet bij op: in tegenstelling tot het Spaans en Italiaans kreeg in het Oudfrans ook het werkwoord ‘houden van’ een klinkerwisseling. Ook de a werd dus een tweeklank. In onderstaand schema zie je de drie werkwoorden in het Oudfrans en daaronder kun je ze beluisteren. Let op het patroon, dat bij alle drie hetzelfde is.

Nog meer patronen
Er waren in het Oudfrans dus niet alleen wisselingen bij de e en o, maar ook bij de a. Bovendien wisselde niet iedere e met een ie. Een restje van een ander patroon vinden we nog in devoir ‘moeten’ vs. il doit ‘hij moet’.

Ook daar hield het niet bij op. Het was zelfs nog maar het topje van de ijsberg. Hieronder volgt een selectie van de andere patronen – ja, een selectie, want er waren zo’n vijftien patronen. Rechts in het schema vind je de nog geheel regelmatige Latijnse werkwoorden, en onder het schema kun je weer terecht voor audio.

Deze grote verscheidenheid aan klinkerpatronen was ontstaan door de klemtoonverschillen. Het Oudfrans was dus heel wat verder gegaan dan het Spaans en Italiaans. Daaraan hadden ook de aangrenzende medeklinkers bijgedragen. Zo heb je amer tegenover il aime, maar laver tegenover il leve. De [m] zorgde ervoor dat de [a] in beklemtoonde lettergrepen een [ai] werd en geen [ɛ].

Gruwelen
Dit is een goed moment om stil te staan bij de gruwelen waar leerders van het Oudfrans mee geconfronteerd zouden worden.

Als je weet dat een Spaans o-werkwoord een wisselwerkwoord is, dan ben je klaar. Neem het wisselwerkwoord volar ‘vliegen’. Ken je het klinkerpatroon van mover, dan ken je dat van volar. Het is muevo ‘ik beweeg’ en dus ook vuelo ‘ik vlieg’.

In het Oudfrans zou je als tweedetaalleerder nauwelijks houvast hebben gehad. Devoir, chalengier, mener, acheter en corecier hadden bijvoorbeeld alle vijf een e, maar al die e’s wisselden met een totaal andere klinker of tweeklank: respectievelijk oi, o, ei, a en ou.

Tot overmaat van ramp waren dit nog de patronen van regelmátige werkwoorden. Hier had je dus nog iets aan voor meer dan één werkwoord. Er waren ook werkwoorden waarvan de hele stam veranderde…

Nog meer gruwelen
Een voorbeeld van een rigoureus alternerend werkwoord is parler ‘praten’. In het Latijn was dat parabolāre. Zonder klemtoon ging de stam in het Oudfrans van drie lettergrepen terug naar één: parabolāre werd parler. In de vorm parabolat ‘hij praat’ lag de klemtoon daarentegen óp de stam. Daaruit ontstond de vorm il parole. Het werkwoord had in het Oudfrans dus de stammen parl- en parol-.

Zo waren er nog meer. Elk wisselwerkwoord had zijn eigen Latijnse geschiedenis en dus zijn eigen patroon. Hieronder vind je een selectie van werkwoorden die nu regelmatig zijn maar destijds bijzondere stamalternanties hadden. Rechts in het schema staan de nog geheel regelmatige Latijnse werkwoorden.

Werkwoorden als parler en manger waren in het Oudfrans onvoorspelbare gedrochten. Hoe komt het dan dat het nu zulke toonbeelden van regelmaat zijn? Dat hebben we te danken aan een grote schoonmaak door nivellering.

Terug naar regelmaat

In de vervoeging en de verbuiging van talen is er strijd tussen twee grootmachten: klankverandering en nivellering.

Klankverandering
Klankverandering is in het algemeen regelmatig. Zo werd in het Spaans in principe elke beklemtoonde Latijnse korte o de tweeklank ue: movet werd mueve, computat werd cuenta.

Voor vervoegingen en verbuigingen betekent klankverandering vaak juist onregelmatigheid. Movēre ~ movet werd in het Spaans mover ~ mueve en in Frans uiteindelijk zelfs mouvoir ~ il meut.

Nivellering
Tegenover klankverandering staat nivellering. Nivellering zorgt voor regelmaat, maar zelf is nivellering juist ónregelmatig. Hoe dat zit, zien we in het Middelfrans, een periode van grote nivellering.

Middelfrans

In de Middelfranse periode leken de Franstaligen klaar te zijn met de vele onregelmatigheden die waren ontstaan. Bij de meeste werkwoorden gingen ze één van de twee stammen in alle vormen gebruiken. De andere ging overboord.

De nivelleringsstam was niet altijd dezelfde – en daar hebben we de onregelmatigheid van nivellering. In aimer is bijvoorbeeld de beklemtoonde stam aim- algemeen geworden. De onbeklemtoonde stam am- is verdwenen: nous amons werd nous aimons. Hij zit nog wel in het zelfstandig naamwoord amour.

Gewoonlijk werd echter de onbeklemtoonde stam algemeen: il leve werd bijvoorbeeld vervangen door il lave met de a van laver, en parole werd parle.

De nivellering vond ook niet plaats in álle werkwoorden – en ook dat is typisch voor de onregelmatigheid van nivellering. Een klein aantal hoogfrequente werkwoorden behield de stamwisseling. Denk aan venir met il vient, mouvoir met il meut, en devoir met il doit.

Sturtevants paradox
Kortom: klankverandering is regelmatig, maar zorgt voor onregelmatigheid; nivellering is onregelmatig, maar zorgt voor regelmaat. Dat verschil is Sturtevants paradox genoemd, naar de taalwetenschapper die het formuleerde.


We sluiten af met een overzichtsafbeelding. Daarop zie je wat er van de tot nu toe genoemde werkwoorden na de grote Middelfranse schoonmaak terecht is gekomen.

In de werkwoorden met een stomme e in de onbeklemtoonde stam is in de beklemtoonde vormen de è-klank terechtgekomen die al bestond in Oudfranse paren als apeler ~ apele (nu apelle) en jeter ~ jete (nu jette).
Noot | Dîner en déjeuner
In het werkwoord voor 'de avondmaaltijd gebruiken' is de stam dîn- algemeen geworden: dîner versus il dîne. Daarnaast bestaat het werkwoord déjeuner, dat 'ontbijten' betekent. Je zou denken dat dat uit de Oudfranse stam desjun- is ontstaan, maar dat klopt niet. Het is een latere afleiding met dé- van jeuner 'vasten', woorden die teruggaan op de Latijnse woorden dis- en ieiūnāre. Déjeuner betekende dus ooit letterlijk 'ontvasten', net als het Engelse to breakfast.

Ook dîner had die betekenis oorspronkelijk, aangezien het net als déjeuner een combinatie is van dis- en ieiūnāre. Het verschil is dat dîner rechtstreeks uit het Latijn komt en door de eeuwen heen 'de avondmaaltijd gebruiken' is gaan betekenen, terwijl déjeuner pas later in het Frans is gevormd als nieuw werkwoord voor 'ontvasten'.
  1. Ik chargeer uiteraard. Ik smul van het Oudfranse werkwoord en zou willen dat er nu nog Oudfrans gesproken werd.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een website of blog op WordPress.com

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: