Dubbelvormen in zes talen

Afgelopen week heb ik op mijn Twitter-account elke dag een lijstje met doubletten uit een andere taal gepubliceerd. Doubletten zijn etymologische dubbelvormen: woorden die op een andere manier in de taal terechtgekomen zijn, van elkaar verschillen in vorm en betekenis, maar dezelfde herkomst hebben - in dit geval een Latijns woord. In dit artikel toon... Lees verder →

De vele gedaanten van ‘lijk’

Wat hebben lijk, gelijk, -lijk, (ge)lijken, liken, lichaam, litteken, likdoorn, zulk, elk en welk gemeen? Op het eerste gezicht alleen de letter l, maar er is meer: al deze woorden bevatten één en dezelfde woordstam. In dit artikel vertel hoe ik de bonte woordfamilie daaruit is ontstaan. Aan de basis van alle genoemde woorden ligt... Lees verder →

Drie geboortes van een Spaanse h

In de geschiedenis van het Spaans is er al drie keer een [h]-klank geboren en gestorven. De eerste ontstond en verdween in de voorvader van het Spaans, de tweede ontwikkelde zich in het Oudspaans, en nu krijgen regionale variëteiten van het Spaans de [h] voor een derde maal terug - en in sommige gebieden is... Lees verder →

Lord en lady: broodmensen

Sommige samenstellingen van woorden raken zo vergroeid dat er na eeuwen slijtage geen samenstelling meer in te herkennen is. Dat is bijvoorbeeld gebeurd met de Engelse woorden lord en lady. Die stammen namelijk af van de Oudengelse samenstellingen hlāfweard en hlǣfdīġe. Hoe deze twee woorden zijn ontstaan, wat ze oorspronkelijk betekenden en hoe ze in... Lees verder →

Stier, toro en de s-mobile

Ons woord stier heeft dezelfde oorsprong als het Spaanse toro. Ook smelten en het Engelse to melt gaan terug op hetzelfde woord, net als strot en throat. Wat hebben die drie woordparen gemeen? Een van de twee woorden heeft steeds een s- die in het andere ontbreekt. Over die wisselvallige s- gaat dit artikel. Reconstructie... Lees verder →

De hel van het Oudfranse werkwoord

Wie Frans heeft geleerd, denkt misschien niet met de fijnste gevoelens terug aan de ingewikkelde werkwoordsvervoeging. Franse werkwoorden hebben een groot aantal verschillende vormen en er zijn ook nog eens heel wat werkwoorden met een onregelmatige tegenwoordige tijd. Denk aan vouloir 'willen' met je veux, venir 'komen' met je viens, en devoir 'moeten' met je... Lees verder →

Weg en wegen, schip en schepen

De meervoudsvorm van dag is dagen. In het meervoud wordt de a dus lang. Hetzelfde gebeurt bij weg en slot: wegen en sloten. In de meervoudsvorm van zak, bed en rok verandert de klinker daarentegen niet: zakken, bedden en rokken. Hoe komt het dat sommige woorden een lange meervoudsklinker hebben en andere niet? En waarom... Lees verder →

Oogst, augustus en de pluktijd

Het woord oogst gaat terug op hetzelfde woord als augustus: de Latijnse naam Augustus. In dit artikel vertel ik hoe dat precies zit. Je komt ook te weten wat het woord herfst, het Engelse to earn en het Friese earnje met dit thema te maken hebben. Verder maken we wat korte uitstapjes naar een aantal... Lees verder →

Apotheek, boetiek, bodega

De Nederlandse woorden apotheek, boetiek en bodega hebben dezelfde oorsprong. Alle drie komen ze namelijk van het Oudgriekse ἀποθήκη (apothēkē) 'opslagruimte'. Dat woord heeft een succesvolle carrière gehad. Eerst kwam het in het Latijn terecht en vervolgens kreeg het in de Romaanse dochtertalen nazaten. De nazaten boutique en bodega zijn uiteindelijk in veel talen ontleend.... Lees verder →

Een interview op Taaldacht.nl

Onlangs heeft Olivier van Renswoude van de website Taaldacht me enkele vragen gesteld over mij en mijn nog jonge taalwebsite. Ik heb ze met veel plezier beantwoord. Je vindt het interview op deze plek. Voordat je klikt: het is de moeite waard om Taaldacht verder te verkennen. Het is een ware taalschatkamer. Een taalschatkamer Op... Lees verder →

Maak een website of blog op WordPress.com

Omhoog ↑