Een audiovisuele klankwandeling

De uitspraak van een levende taal verandert continu. Van de ene op de andere generatie is het verschil klein, maar tel je de veranderingen door de eeuwen heen bij elkaar op, dan kan een taal onherkenbaar veranderen. In dit artikel lees je hoe uitspraakverandering begint. Daarna hoor en zie je één woord een reis van meer dan tweeduizend jaar afleggen.

Van fluctuatie tot taalverandering

Metingen laten zien dat er altijd een beetje variatie zit in de manier waarop we een bepaalde klank uitspreken – van persoon tot persoon, maar ook bij één en dezelfde spreker van een taal. Zulke fluctuaties horen nu eenmaal bij menselijke taal. Neem je bijvoorbeeld de au van mijn neef tien keer op en leg je die onder een digitale loep, dan blijken geen twee au’s exact gelijk. Het gemiddelde van zijn au-varianten is ook weer net wat anders dan wat zijn vriendin gemiddeld doet. De tong en lippen staan bij haar au’s een klein beetje anders – een verschil dat de meeste mensen niet eens opmerken.

Het kan goed zijn dat hun au’s door de jaren heen naar elkaar toe groeien. Krijgen ze een dochter, dan neemt die de au van haar ouders over, maar haar uitspraak wordt niet in beton gegoten. Eenmaal op school zou het kunnen dat er een jongetje is dat de au een beetje anders uitspreekt. Is hij populair, dan is het mogelijk dat klasgenootjes zijn au overnemen. Doet mijn achternichtje mee, dan kan ze uiteindelijk een andere uitspraak krijgen dan haar ouders.

Onbewust
Het overnemen van elkaars uitspraak gaat gewoonlijk onbewust. Je zou het kunnen vergelijken met spiegelen: mensen zijn onbewust geneigd de houding over te nemen van een gesprekspartner bij wie ze zich prettig voelen, of van wie ze iets gedaan willen krijgen. Legt je mogelijke toekomstige directrice haar armen op tafel tijdens je sollicitatiegesprek, dan is er een grote kans dat je dat onbewust nadoet.

De wind in de zeilen

De meeste uitspraakfluctuaties brengen het niet ver, maar soms krijgt er eentje de wind in de zeilen. De au van het populaire kind op school zou zich als een olievlek kunnen gaan verspreiden, waardoor steeds meer kinderen in de regio zijn au krijgen. Blijft de wind gunstig, dan zou het zomaar kunnen gebeuren dat die nieuwe au over vijftig jaar meer voorkomt dan de oorspronkelijke.

Zo’n klankverandering gaat stukje bij beetje. Een au kan in één generatie bijvoorbeeld geen ie worden. Daarvoor liggen die twee veel te ver uit elkaar: ze verschillen niet alleen danig op het gehoor, maar je articuleert ze ook heel anders.

Au en ie
Mijn nicht maakt de tweeklank au als volgt: eerst gaat de mond ver open, met de tong op de bodem. Daarna doet ze hem een stuk dicht, terwijl ze het achterste van de tong optilt. Ondertussen tuit ze de lippen. De ie maakt ze heel anders: dan begint de tong al bijna tegen het gehemelte, terwijl de lippen gespreid zijn.

Steam

Tel je vele eeuwen aan geleidelijke klankverschuivingen bij elkaar op, dan kan een au uiteindelijk wél als ie uit de bus komen. Heel veel stukjes-bij-beetjes bij elkaar kunnen namelijk een enorm verschil maken.

Het Engels is daar het levende voorbeeld van. We weten dat het woord steam zo’n 1500 jaar geleden nog *staumaz was. Dat is de vorm die taalwetenschappers reconstrueren voor het Proto-Germaans, de gemeenschappelijke voorouder van alle Germaanse talen. Wat nu de ie-klank van steam is, was in *staumaz dus nog een au.

Hoe *staumaz in steam veranderd is, ontdek je in een video die ik gemaakt heb. Daar hoor én zie je de uitspraak veranderen. Van opzij kijk je naar een schematische weergave van de mond, met de lippen links en de keel rechts. Daar zie je klinker doorheen reizen in de vorm van een stip. Zijn positie staat voor die van de tong: bij een ‘hoge’ stip staat de tong hoog, en dat kan zowel ‘voor’ als ‘achter’ in de mond. Een pijl geeft een tweeklank aan.

Stoom

Omdat het Engels spectaculaire klinkerverschuivingen heeft doorgemaakt en de meeste van mijn online volgers het Nederlands niet kennen, heb ik gekozen voor de reis van *staumaz naar steam, en niet voor die van *staumaz naar onze eigen afstammeling stoom. Maar ook die ontwikkeling is interessant. Hoewel de klinker tijdens de Nederlandse tocht in de rechterhelft van de schematische driehoek is gebleven, hebben er allerlei interessante haltes gezeten tussen *staumaz en stoom.

Wie weet maak ik ook nog weleens een audiovisualisatie van de Nederlandse klankverschuiving, maar aangezien de 37 seconden durende animatie bestaat uit 92 PowerPoint-slides, moet ik er eerst de moed weer eens voor verzamelen.

Utrechtse stoom
De hedendaagse uitspraak van stoom vertoont flink wat variatie, en in Nederland is hij bovendien sterk op drift. De uitspraak die je hoort op een basisschool in Utrecht is heel wat anders dan die van een Utrechtse treinmachinist uit de jaren twintig van de vorige eeuw. Voor mij als zuiderling klinkt de oo van een groep-zesser uit die stad bijna als mijn eigen au, terwijl we van Utrechters van een eeuw geleden weten dat stoom bij hen de klinker had die je daar tegenwoordig alleen nog aantreft in woorden als oren.

Plaats een reactie

Maak een website of blog op WordPress.com

Omhoog ↑