Germaans uit de vierde eeuw: Gotisch

Het Nederlands heeft een overleden oudtante: het Gotisch. Het Gotisch en de Oostgermaanse tak waartoe het behoort, zijn helemaal uitgestorven. Daar staat tegenover dat er geen één Germaanse taal zo vroeg uitgebreid gedocumenteerd is als het Gotisch: er is een groot deel overgeleverd van de Bijbel in het Gotisch van de vierde eeuw n.C.

Verwante talen worden vaak in een stamboom gezet. Eén taal staat dan aan het hoofd en haar dochtertalen staan er als vertakkingen onder. Het Nederlands, de Zeeuwse en de Limburgse talen kun je bijvoorbeeld als dochters zien van het Oudnederlands, dat zelf weer een dochter is van het Westgermaans. Het Proto-Germaans is in die stamboom de overgrootmoeder van het Nederlands en alle andere hedendaagse Germaanse talen.

De zussen van het Westgermaans zijn het Noordgermaans en het Oostgermaans. Het Noordgermaans heeft veel nazaten: onder andere het Deens, Zweeds, Noors en IJslands. Van de Oostgermaanse familietak is alleen het Gotisch bekend. Er zijn ooit meer Oostgermaanse talen geweest, maar daar is niets van opgeschreven – en als er geen bisschop genaamd Wulfila geweest zou zijn, hadden we zelfs nauwelijks iets over het Gotisch geweten.

Hieronder vertel ik kort over de Gotische taal. De hoofdrol in dit artikel is voor een opname waarin ik een stuk in het Gotisch voorlees met de gereconstrueerde uitspraak.


Het Gotisch

De Goten waren Oostgermaanse volkeren die in de eerste helft van het eerste millennium vanuit Noord-Europea naar Zuid-Europa trokken en een grote rol speelden in de val van het Westromeinse Rijk.

Toen de Goten in de tweede helft van het millennium militaire verliezen leden en grondgebied moesten opgeven, kwam hun taal onder druk te staan. Ze assimileerden zich aan de overwinnaars en het Gotisch verdween in veel gebieden.

Krim-Gotisch
In de zestiende eeuw heeft een Vlaamse reiziger op de Krim nog woorden gedocumenteerd uit een Germaans dialect dat waarschijnlijk tot de Gotische taalfamilie behoorde. Voorbeelden zijn handa 'hand' en geen 'gaan'.

Twee eeuwen later is er nog melding gemaakt van een Germaanse taal op de Krim, maar uiteindelijk is er van die taal niets overgebleven.

De Gotische Bijbel

Ondanks zijn dood weten we veel over het Gotisch – althans over dat van de vierde eeuw. In die eeuw is er namelijk onder leiding van bisschop Wulfila een vertaling van de Griekse Bijbel in het Gotisch gemaakt. Wulfila heeft voor de gelegenheid zelfs een Gotisch alfabet ontworpen. Hij baseerde dat op het Griekse alfabet en op het Latijnse.

Er is veel van Wulfila’s Bijbel verloren gegaan. Toch is er genoeg bewaard gebleven om een goed beeld van de taal te krijgen. Uit de teksten zijn bijvoorbeeld bijna de hele vervoeging van werkwoorden en de hele verbuiging van naamwoorden op te maken. De geschriften bevatten bovendien duizenden verschillende woorden. Dankzij Wulfila’s Bijbel is het Gotisch de best gedocumenteerde Germaanse taal van vóór de eerste geschriften in het Oudengels en het Oudhoogduits uit de zevende en achtste eeuw.

Een belangrijke rol

In cursussen over de geschiedenis van het Nederlands staat het Gotisch – bij gebrek aan geschreven bronnen van het Proto-Germaans, de overgrootmoeder van alle Germaanse talen – vaak model voor het oudste Germaans. Het Gotisch geeft namelijk een inkijkje in een vroege fase van de Germaanse talen, ook al had het zich al afgesplitst van de rest van de familie.

Het is alsof je foto’s van je oudtante bekijkt om een idee te krijgen van hoe je oma eruitzag bij gebrek aan foto’s van die oma. Het Gotisch heeft ook een belangrijke rol gespeeld bij de reconstructie van het Proto-Germaans. Het uiterlijk van een oudtante zegt immers ook iets over dat van overgrootmoeder.

Hoeveel kennis het Gotisch ons ook geeft, we moeten de familieleden goed uit elkaar houden: het Gotisch is de oudtante van het Nederlands en van je oudtante stam je niet af.

Gotische grammatica

Het Gotisch heeft nog allerlei grammaticale kenmerken die de andere Germaanse talen nu kwijt zijn. Het laat bijvoorbeeld zien dat de Germaanse talen naast een enkelvoud en een meervoud ook een tweevoud hebben gehad: naast weis gibam ‘wij geven’ kent het Gotisch ook wit gibōs ‘wij twee geven’.

Het Gotisch heeft in de tegenwoordige tijd ook een speciale lijdende vorm die uit één woord bestaat: gibada betekent ‘het wordt gegeven’. De verleden tijd leek op die van ons: de verleden tijd van wairþan ‘worden’ en het voltooid deelwoord.

Een derde kenmerk van het Gotisch is de groep sterke werkwoorden met reduplicatie. Die werkwoorden krijgen in de verleden tijd een verdubbeling van de beginmedeklinker. De verleden tijd van slēpan ‘slapen’ is bijvoorbeeld saislēp ‘sliep’ (waarbij ai staat voor de klinker van bed). In de huidige Germaanse talen is dat systeem vervangen door een klinkerwisseling: slapen ~ sliep.

Reduplicatie elders
Het Oudengels had hier en daar nog een relict van de reduplicerende werkwoorden. Een voorbeeld is reord 'las; raadde; adviseerde' bij rǣdan. Al in het Oudengels ontstond er ook een vorm met klinkerwisseling, rēd, en een met een zwak achtervoegsel, rǣdde. Uit die laatste is read ontstaan.

Reduplicatie vinden we ook in de verleden tijd van doen: deed, het Engelse did en het Duitse tat. Deze vormen hebben wel een net iets andere oorsprong dan saislēp en reord.

Hoe klonk het Gotisch?

Tijdmachines bestaan niet en daardoor zullen we nooit met zekerheid weten hoe Wulfila’s Gotisch geklonken heeft. Toch weten we veel over de uitspraak van het Bijbel-Gotisch.

Puzzelstukken leggen

Door allerlei puzzelstukken in elkaar te passen hebben taalhistorici kunnen beredeneren wat de klanken van het Gotisch wel en niet geweest kunnen zijn. Tot die puzzelstukken behoren de kennis van de andere Germaanse talen, de kennis van klanksystemen in het algemeen, aanwijzingen die de spelling geeft, en de schrijfwijze van leenwoorden, zoals woorden uit het Oudgrieks.

Door die puzzel te leggen hebben taalkundigen tot op zekere hoogte de uitspraak gereconstrueerd. Er zullen altijd bepaalde zaken onzeker blijven: leek de Gotische korte a bijvoorbeeld op onze [ɑ] van bad, op de [a] van paleis of zat hij ertussenin? Desondanks zijn wetenschappers het vrij goed eens over het merendeel van het reconstrueerde klanksysteem.

Van tekens naar klanken

De gereconstrueerde uitspraak is beschreven in boeken aan de hand van het Internationaal Fonetisch Alfabet (IPA). In dat alfabet staat elk teken voor één klank. De [ɛ] staat bijvoorbeeld voor de e van gek – niet voor die van beek, beer, blèren of belasting.

Schrijf je een Gotische tekst uit in het IPA en spreek je de tekens op de juiste manier uit, dan krijg je vanzelf de Gotische uitspraak.

Dat is precies wat ik heb gedaan met een fragment uit de Bijbel van Wulfila. Ik heb het eerste deel van de parabel van de zaaier (Lucas 8:4-8) verklankt en opgenomen. Het was nogal een tongbreker – ik heb er twee uur over gedaan voordat ik alle zinnen zo goed als foutloos had ingesproken – maar ik denk dat mijn poging een aardig beeld geeft van hoe het Gotisch ten tijde van Wulfila geklonken zou kunnen hebben.

Hieronder kun je mijn opname beluisteren.

Uitheemse klanken
Het Gotisch maakt veel gebruik van de medeklinkers die we kennen van het Engelse the en thin. Het heeft daarnaast een f- en v-klank waarvoor je moet doen alsof je een kaars uitblaast. Er zitten ook allerlei lange klinkers in onbeklemtoonde lettergrepen: gaþaursnōdēdun 'ze verdorden' wordt bijvoorbeeld uitgesproken met de klemtoon op -þaurs- (spreek uit: thors), maar op die lettergreep volgen nog een lange ō en ē.

Ik ben benieuwd waar de gereconstrueerde uitspraak je aan doet denken.
Vertaling en schrift
Ik heb ervoor gekozen om het stuk tekst zelf te vertalen en geen bestaande Nederlandse Bijbelvertaling te gebruiken. De Nederlandse vertalingen zijn namelijk niet op het Gotisch gebaseerd en daardoor wijken de formuleringen vaak af. Mijn tekst is een vrij letterlijke - en daardoor weinig elegante - vertaling van het Gotisch.

De Gotische tekst heb ik weergegeven in het Latijnse schrift en niet in het Gotische. Zo kun je in ieder geval nog meelezen. De streepjes boven op de ē en de ō geven aan dat de klinkers lang zijn.

Meer weten?

  • Ben je benieuwd naar de beredenering van de reconstructie? In deze driedelige online videocursus worden de hoofdpunten in het Engels uit de doeken gedaan. Helaas is het taalgebruik vrij technisch en wollig.
  • Op deze website vind je alles wat er van de Gotische Bijbel bewaard is gebleven. Je kunt zelf kiezen welke vertalingen je onder de Gotische tekst laat tonen:

6 gedachten over “Germaans uit de vierde eeuw: Gotisch

Voeg uw reactie toe

  1. Prachtig, dankjewel! Ik beluister op het ogenblik de podcast “The History of English Podcast” en de Goten en hun bijbel komen in en rond aflevering 26 voorbij. Fascinerend, vond ik het, en heel tof om nu een stuk voorgelezen te horen, met het Nederlands eronder!

    Geliked door 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een website of blog op WordPress.com

Omhoog ↑

%d bloggers liken dit: